Categorie: Spelling
-

De tussenletters
Tussenletter ‘s’
Vissersboot zul je nooit fout schrijven want je hoort de tussenletter ‘s’ tussen visser en boot.
Schrijf dus steeds een ‘s’, als je er één hoort. Bijv. parlementslid, zondagskrant, stationsplein.
Moeilijker wordt het wanneer je het woord dorpsschool moet schrijven, want schrijf je dan 1 ‘s’ of 2?
De enige regel die je moet volgen is de regel van de analogie, je vervangt het laatste deel van het woord zodat je kunt horen of er een ‘s’ bijkomt of niet.
Bijv.
- Dorp + school is dorpsschool want het is ook dorpsplein.
- Passagier + schip is passagiersschip want het is ook passagiersboot.
- Geboorte + suiker is geboortesuiker want het is ook geboortekaartje
Oefening
Tussenletter ‘n’
Tekstversie
Oefeningen
- -e of -en?
- Tussenletters -s, -e en -en
- Tussenletters -s, -e en -en
- Tussenklanken
-

Aaneenschrijven van woorden
Getallen
De regels om getallen voluit te schrijven zijn heel eenvoudig.
- Schrijf alle getallen tot en met duizend aan elkaar.
- Na het woord “duizend” volgt een spatie.
- Veelvouden van miljoen en miljard worden met een spatie geschreven.
Bijv.
- achthonderdtweeënzeventig.
- Vijftienduizend driehonderdachtentwintig
- Twaalf miljoen vijfhonderdvierendertigduizend honderdachtentwintig
Oefening
Samenstellingen
- Samenstellingen worden in het Nederlands zo veel mogelijk aaneengeschreven.
Pennenzak, eerstehulppost, schoolgebouw, eenrichtingsverkeer, donkerblauw, reuzegroot, Antwerpsesteenweg.
- Als de samenstelling moeilijk te lezen is, dan kun je een koppelteken gebruiken.
Zonne-energie, na-apen, gala-evenement, radio-oproep, zo-even.
- Tussen gelijkwaardige delen in een samenstelling zet je ook een streepje als je de woorden van plaats kunt veranderen.
een Brits-Frans bedrijf (want ook Frans-Brits bedrijf)
een zwart-witfoto.(want ook een wit-zwartfoto)
Maar privaatrechtelijk (want rechtelijkprivaat bestaat niet)
- Als de samenstelling eindigt op een naam, dan zet je een streepje voor de naam.
regering-Verhofstdadt, proces-Van Noppen.
- Voor of achter een cijfer, letter of teken zet je een streepje.
16-jarige, A4-formaat, een +-teken.
- Voor of achter een initiaalwoord zetten we een streepje.
tv-programma, pc-spel, pc-netwerk.
- Afkortingen schrijven we aan het woord vast, tenzij ze met een hoofdletter beginnen.
aidspatiënt, VRT-programma.
- We zetten een streepje na de volgende elementen:
- niet-, non-, bijna-, oud-, ex-, aspirant-, adjunct-, substituut-, chef-, kandidaat-, interim-, stagiair-, leerling-, assistent-, collega- of meester-
- -generaal, -president, -testamentair, -verbaal, -militair
- Sint- of St.-
niet-roker, oud-burgemeester, substituut-procureur, collega-journalist, interim-leraar, directeur-generaal, proces-verbaal, Sint-Jozef, St.-Anna
Samenstellingen met Engelse woorden
- Engelse woorden vormen een speciaal geval. Hieronder vind je enkele regels om ze toch correct te schrijven.
Online, downloaden, voicemail Als de woorden in het Nederlands vaak gebruikt worden, dan schrijven we ze aan elkaar. Body-art, drive-in, e-mail, pay-tv Gebruik een koppelteken om leesproblemen te voorkomen. Back-up, black-out, warm-up Gebruik ook een koppelteken als het woord met een voorzetsel eindigt dat met een klinker begint. Flashback, flashforward, comeback, playback. Als dat voorzetsel niet met een klinker begint, dan schrijf je het aaneen. Oefeningen
Vaste woordcombinaties
Een aantal vaste woordcombinaties kunnen zowel aan elkaar als met een spatie geschreven worden, naargelang van de betekenis. De volgende gevallen leiden bij heel veel taalgebruikers tot verwarring.
allang
Ik weet allang wat je van plan bent. al lang
Hij staat al lang voor het rode licht. allesbehalve
Hij is allesbehalve behulpzaam. alles behalve
Je krijgt alles behalve mijn juwelen. evengoed
Je kunt evengoed nog wat blijven. even goed
Je voetbalt even goed als je grote broer. tekort (het)
Het tekort op de begroting. te kort
Ze hadden mensen te kort. tenminste
Ik ga mee, als het tenminste niet sneeuwt. ten minste (op z’n minst)
Ten minste houdbaar tot datum aan onderkant. tenslotte
Je kunt tenslotte niet altijd winnen. ten slotte (tot slot)
En het vierde punt, ten slotte, ben ik vergeten. teveel (het)
Kinderen met ADHD hebben een teveel aan energie. te veel
Te veel problemen blijven onopgelost. zoveel
Dat kost vijf euro, zoveel! zo veel
We proberen zo veel mogelijk mensen te redden. Oefeningen
- Wat is de juiste spelling?
- Maak samenstellingen
- Aan elkaar of los?
-

Leestekens
Punt, komma en puntkomma
De punt geeft een lange pauze weer, de komma een korte. De kommapunt zit daar ergens tussenin.
Ik ben vandaag naar de rommelmarkt geweest.Ik vroeg de leerkracht of ik naar het toilet mocht.Gent 18 februari 2006
10 000 000 Euro
09 253 06 60We zetten een punt achter een mededelende zin.Bij een indirecte vraag komt ook een punt.Geen punt in: - Adressen
- Datums
- Getallen
- Telefoonnummers
Ze voelde zich moe; maar ze ging toch naar de les. Er is geen écht einde, zoals bij de punt. De 2 mededelingen hangen nauw samen. Voor Nederlands heb je een map, tussenbladen, schrijfgerief en een agenda nodig.
De directeur, een streng man, hield streng toezicht.
Hij stond op, liep naar het bord, nam krijt en tekende een prachtige zwaan.Je zet een komma: - Tussen de elementen van een opsomming.
- Voor en na een bijstelling
- Tussen korte, nevengeschikte zinnen
Vraagteken, uitroepteken, haakjes en beletselteken
Wil je nog een snoepje?
Je wilt toch nog een snoepje?- Je schrijft een vraagteken na een directe vraag.
Kom hier! Ga zitten! Luister! Wat een troep! - Je schrijft een uitroepteken na een uitroep, een bevel of een emotionele zin.
Op school krijgen we veel vakken: Nederlands, Frans, Engels, wiskunde, aardrijkskunde, …
Ze zou komen, maar …
De deur ging krakend open… Een hand wam langzaam tevoorschijn. Een kille lach weerklonk door de villa… Ik luisterde aandachtig…- Als de opsomming nog niet af is, het beletselteken is hetzelfde als “enz.”
- Als de gedachte niet af is.
- Om de spanning in een verhaal te verhogen..
De VN (Verenigde Naties) kwamen in actie.
Gezocht: vingervlugge typist(e)We gebruiken haakjes - Om iets te verklaren
- als er een keuzemogelijkheid is
Oefening
Dubbelpunt en aanhalingstekens
DubbelpuntZe zei: “We gaan morgen naar zee.”Wat we zagen in de zoo: apen, olifanten, slangen, leeuwen, … - Voor een eindaanhaling in directe rede. Vergeet de hoofdletter niet!
- Voor een opsomming
Eindaanhaling
Ze vroeg: “Mag ik het bord schoonvegen?”Beginaanhaling:
“Mag ik het bord schoonvegen?” vroeg ze.
“Laat me binnen!” riep hij kwaad.
‘Ik zou graag mijn opstel afgeven”, zei hij.Gesplitste aanhaling
“Mag ik het bord afvegen,” vroeg ze, “want het is heel erg vuil.”“Geef me”, riep hij, “onmiddellijk die jas!”Geen aanhaling
Hij zei dat hij naar zee ging.- Let op de dubbelpunt en hoofdletter.
- ? en ! binnen de aanhaling
- , buiten de aanhaling
- De komma binnen de aanhaling want die staat ook in de zin: mag ik het bord afvegen, want het is vuil.
- De komma staat buiten de aanhaling want in de zin:geef me onmiddellijk die jas, staat er ook geen komma.
- Geen aanhaling bij indirecte rede.
Oefeningen
- Zet de leestekens waar het moet.
- Zijn de zinnen juist of fout?
-

Hoofdletters
Wanneer schrijf je een hoofdletter?
Lees eenmaal de theorie aandachtig en maak dan de oefening.
- Het eerste woord van een zin.
Ik ben gisteren naar de bioscoop geweest.
Als de zin begint met een afgekapt woord, dan krijgt het tweede woord de hoofdletter.
’s Avonds gaan we meestal nog een wandelingetje maken. - Het eerste woord van een aanhaling tussen aanhalingstekens.
Hij zei: “Ga je mee?” - De aanduidingen van personen en zaken die als heilig beschouwd worden.
Bijv. : de Bijbel, de Heilige Maagd, het Rijk Gods, Allah, Mohammed, … - De aanduidingen van vorstelijke personen, staatshoofden en ministers.
Zijne Koninklijke Hoogheid, Hare Majesteit, de Prins van Luxemburg, de minister van Onderwijs. - Eigennamen
- Voornamen, familienamen en bijnamen. Ook namen van historische, Bijbelse, mythologische en fictieve personen of wezens: David, Ahmed, Britney Spears, Alexander de Grote, …
- Namen van kerkelijke en officiële feestdagen: Kerstmis, Pasen, Dag van de Arbeid, …
- Aardrijkskundige namen en de afleidingen ervan: Gent, België, Turkse, Oost-Vlaams, …
- Namen van talen: Nederlands, Turks, Frans, …
- Namen van straten, lanen, parken en pleinen: Belfortstraat, Martelaarslaan, Citadelpark, Vrijdagsmarkt, …
- Namen van kranten, bladen en tijdschriften: Het Nieuwsblad, Humo, …
- Namen van sterren en sterrengroepen. Ook namen van sterrenbeelden, planeten en kometen: Mars, Jupiter, Grote Beer, Schorpioen, …
- Namen van schepen, vliegtuigen, treinen, boten en ruimtetuigen: Titanic, Boeing, Thalys, Apollo 13, …
- Namen van verkiezingen, instellingen, verenigingen, partijen, ministeries, commissies en andere lichamen: Het Hof van Cassatie, het Rode Kruis, de Verenigde Naties, …
- Namen van gebouwen, monumenten en standbeelden: het Vrijheidsbeeld
- De eerste letter van de titel van boeken, films, radio- of tv-programma’s, liedjes…: Harry Potter, Titanic, We are the champions,…
- Namen van firma’s, bedrijven en handelszaken: Blokker, Jetair, …
- Namen van merken en types: Mercedes, Nike, Ridley, Microsoft …
- Letterwoorden en afkortingen. Vb. Sabena, IBM, …
- Namen van historische gebeurtenissen
Tweede Wereldoorlog, Golfoorlog,…
Maar je schrijft niet met een hoofdletter …
- De aarde, de zon en de maan, als we die in niet-wetenschappelijke teksten gebruiken.
- Namen van dagen, maanden, seizoenen en windrichtingen.
- Aardrijkskundige namen die als soortnaam gebruikt worden
Bijv. : cognac, een bordeaux, moezelwijn … - Een afleiding van een persoonsnaam krijgt een kleine letter. Alleen als het voorwerp gemaakt is door de persoon krijgt het een hoofdletter.
Bijv. freudiaans, marxisme, maar een Rembrandt en een Armani. - Namen van geestelijke of culturele stromingen en verschijnselen, kloosterorden en alle afleidingen daarvan.
de barok, het socialisme, de dominicanen, joden, islam … - De samenstellingen met feestdagen
kerstvakantie, paasmaandag, … - Het eerste woord van een zin die met een cijfer begint.
Bijv. : 8 is deelbaar door 4. - Namen van tijdperken
bijv. de middeleeuwen, de renaissance,…
Oefeningen
- Spelling van de hoofdletters
- Hoofdletters
- Zet een hoofdletter waar nodig
- Hoofdletters
- Het eerste woord van een zin.
-

Werkwoorden: gemengde oefeningen
Een mooie afsluiter van de theorie over de spelling van de werkwoorden of een goeie zelftest om te checken welke werkwoordstijden je best nog even herhaalt.
-

Voltooid en onvoltooid deelwoord
Wat is een voltooid deelwoord?
Het voltooid deelwoord vind je door de volgende zinnen aan te vullen met een werkwoord: ik heb…, ik ben …, het heeft…
Bijv. Ik heb gevoetbald, ik heb gewassen, ik ben verloren, het heeft geregend.
Voor sterke werkwoorden: klik hier voor de lijst.
Je schrijft geen fouten omdat je altijd hoort wat je moet schrijven: bijv. ik heb gegeten, ik heb gelopen, ik ben geweest.
Voor zwakke werkwoorden: ge + stam + d of t
werken –> ik heb gewerkt –> met een ‘t’ want in de verleden tijd is het werkte.
wandelen –> ik heb gewandeld –> met een ‘d’ want in de verleden tijd is het wandelde.Oefeningen
-

Engelse werkwoorden
Engelse werkwoorden vervoegen
Woorden die we uit het Frans, Latijn of een andere taal overnemen, worden in de loop van de tijd aangepast aan de Nederlandse spelling.
Maar Engelse woorden behouden hun schrijfwijze!
De Stam
De stam van de Engelse werkwoorden, vormen we op dezelfde manier als in het Engels. Die stam gebruiken we dan verder als een Nederlands werkwoord.
Engels woord Nederlands werkwoord Stam to fax faxen (ik) fax (nu) to snooker snookeren (ik) snooker (nu) to barbecue barbecueën (ik) barbecue (nu) Oefening